
Uitvaartcentrum Draagt Elkanders Lasten (DEL)
| Locatie | Urk |
| Categorie | Maatschappelijk gebouw, uitvaartcentrum |
| Opdrachtgever | Draagt Elkanders Lasten DEL |
| Designed by | ir. J. Post & ir. i.o. G. Berkhout |
| Jaar | 2022 – 2026 |
| Omvang | 1030 m² |
DEL is voor veel Urkers meer dan een uitvaartcentrum. Het is een begrip dat verweven is met het leven op het dorp, waardoor de organisatie al generaties lang een vaste plaats inneemt binnen de gemeenschap. Daarmee gaat DEL niet alleen over afscheid nemen, maar ook over zorg en verbondenheid.
Toen DEL voor de keuze stond om nieuw te bouwen of het bestaande gebouw te vernieuwen, werd eerst onderzocht welke oplossing het meest toekomstbestendig was. Het gebouw was in de loop der jaren meerdere keren uitgebreid en aangepast. Zoals vaak gebeurt bij gebouwen die stap voor stap groeien, was een verzameling ontstaan van gangen, aanbouwen en ruimtes die afzonderlijk van elkaar logisch waren, maar als geheel steeds minder efficiënt functioneerden. Tegelijkertijd groeide de behoefte aan meer ruimte, meer capaciteit en betere faciliteiten voor bezoekers, familieleden en medewerkers.
Meer ruimte binnen dezelfde contouren
De uitdaging hierin was dat uitbreiding nauwelijks mogelijk was. Uitbouwen en optoppen waren uitgesloten. De vraag werd daardoor hoe binnen hetzelfde gebouw meer ruimte kon worden gerealiseerd. Uit de analyse bleek dat een relatief groot deel van het gebouw werd ingenomen door verkeersruimte. De opgave lag daarom in het opnieuw organiseren van het bestaande gebouw. Door eerst afstand te nemen van de bestaande indeling en opnieuw te kijken naar de verhouding tussen gebruiksruimte en verkeersruimte ontstond een nieuw perspectief.


Zeven stromen door één gebouw
Tijdens de analyse werd duidelijk dat een uitvaartcentrum veel meer is dan een verzameling ruimtes. Iedere gebruiker beweegt zich op zijn eigen manier door het gebouw. De overledene wordt met zorg binnengebracht, verzorgd en opgebaard, waarna de route verder leidt naar het moment van afscheid in de aula en uiteindelijk naar de laatste gang richting de begraafplaats.
Familieleden bewegen zich op een eigen manier door het gebouw. Voor hen staat nabijheid centraal: de mogelijkheid om in alle rust bij hun dierbare te zijn, samen afscheid te nemen, bezoekers te ontvangen en de dienst op een waardige manier te beleven. Bezoekers hebben vervolgens weer verschillende routes: sommigen komen alleen om de familie te condoleren en vertrekken daarna weer, terwijl anderen aanwezig blijven bij de dienst.
Daarnaast zijn er verschillende medewerkersstromen. Er is personeel dat op kantoor werkt en niet direct betrokken is bij de uitvaart die op dat moment plaatsvindt. Daarnaast zijn er medewerkers die juist wél bij de dienst horen, zoals dragers, chauffeurs en medewerkers die overzicht houden of techniek en geluid verzorgen. Zij moeten op het juiste moment aanwezig en bereikbaar zijn, maar niet onnodig in beeld komen. Ook de keukendienst volgt een eigen route, zodat catering en voorbereidingen kunnen plaatsvinden zonder dat deze medewerkers door de condoleanceroute of de rouwende bezoekersstroom hoeven te bewegen.
Uit deze analyse kwamen uiteindelijk zeven verschillende gebruikersstromen naar voren. Sommige van deze stromen moesten elkaar juist ontmoeten, terwijl andere gescheiden moesten blijven. Juist tijdens een afscheid kunnen kleine ontmoetingen een grote impact hebben. De vraag werd daarom hoe mensen zich door het gebouw bewegen en op welke momenten zij elkaar ontmoeten.


Ontworpen vanuit routing
Dat inzicht vormde de basis voor het ontwerp. Voordat naar het bestaande gebouw werd gekeken, werd eerst een ideaal schema gemaakt, alsof het uitvaartcentrum volledig nieuw ontworpen moest worden. Vanuit alle gebruikersstromen werden routes, ontmoetingspunten en functies geanalyseerd. Vervolgens werd onderzocht hoe dit ideale schema binnen de bestaande contouren van het gebouw kon worden gerealiseerd.
Hieruit ontstond een nieuwe ruimtelijke opzet rondom een centrale kern. Rond deze kern bewegen de verschillende gebruikers zich via een logische lus door het gebouw. Sommige routes komen bewust samen, terwijl andere volledig van elkaar gescheiden blijven. Hierdoor kreeg iedere gebruiker een eigen route, terwijl rust en waardigheid centraal bleven staan. Naast de analyse van routes en functies is ook de dagelijkse praktijk van DEL meegenomen. Medewerkers gaven input op de indeling van kantoren, de balie, de keuken en de ondersteunende ruimtes. Daardoor werd het ontwerp vanuit bezoekers, familieleden én de mensen die dagelijks met het gebouw werkenbekeken.
Het resultaat laat zien dat meer ruimte kan ontstaan binnen dezelfde vierkante meters. Door een fundamenteel andere gebouwstructuur konden functies worden uitgebreid, ruimtes worden vergroot en processen worden verbeterd zonder dat het gebouw zelf groter werd.

Routing bestaande situatie

Routing nieuwe situatie
Flexibel voor iedere uitvaart
De bestaande aula bood plaats aan ongeveer honderd bezoekers, terwijl de behoefte groeide naar ongeveer honderdvijftig zitplaatsen. Tegelijkertijd bleek uit gesprekken met medewerkers dat niet iedere uitvaart dezelfde ruimte vraagt. Een kleine familie ervaart een grote zaal vaak als leeg en afstandelijk, terwijl een grote uitvaart juist om voldoende capaciteit vraagt. De oorspronkelijke zaal had bovendien een langgerekte vorm, waardoor de afstand tussen spreker en publiek relatief groot was. In het nieuwe ontwerp is gekozen voor een compactere en meer vierkante opzet, waardoor de relatie tussen spreker en aanwezigen sterker wordt en de ruimte meer betrokkenheid en intimiteit biedt.
Door de aula onderdeel te maken van de nieuwe routing en te werken met schuifwanden en flexibele ruimtedelers ontstond een systeem van ruimtes dat zich kan aanpassen aan verschillende situaties. De grote aula kan worden gebruikt als één ruimte voor ongeveer honderdvijftig bezoekers, maar kan ook worden opgesplitst in kleinere zalen van verschillende omvang. Hierdoor ontstonden uiteindelijk vijf verschillende zaalindelingen binnen drie fysieke ruimten. Deze flexibiliteit maakt het mogelijk om zowel kleine als grote uitvaarten op een passende manier te faciliteren. Daarnaast kunnen delen van het gebouw onafhankelijk van elkaar functioneren, waardoor meerdere bijeenkomsten of diensten gelijktijdig kunnen plaatsvinden zonder dat bezoekersstromen elkaar onnodig kruisen.


Op het juiste moment het juiste contact
De routing vormt het fundament van het ontwerp, zowel functioneel als emotioneel. Binnen het project ontstond daarvoor één centrale ontwerpregel: op het juiste moment het juiste contact. Niet iedere ontmoeting moet worden voorkomen en niet iedere ontmoeting moet worden gestimuleerd. Het gaat erom dat bezoekers, familieleden en medewerkers elkaar ontmoeten op momenten waarop dat passend is binnen het proces van afscheid nemen. De routing is daarom ontworpen vanuit de beleving van de verschillende gebruikersstromen.
Zo kan een bezoeker na het condoleren kiezen om direct naar buiten te gaan of door te lopen naar de aula. Wie aanwezig blijft bij de dienst wordt via de garderobe en sanitaire voorzieningen naar de zaal geleid. Familieleden beschikken over een eigen route binnen het gebouw, terwijl medewerkers die betrokken zijn bij de dienst bereikbaar blijven zonder voortdurend zichtbaar aanwezig te zijn. Ook de keuken en ondersteunende functies beschikken over een eigen logistieke route, zodat voorbereidingen kunnen plaatsvinden zonder de rust van de uitvaart te verstoren.


Een interieur met warmte en hoop
De ruimtelijke uitgangspunten zijn doorvertaald naar het interieur. Een herkenbaar houten pad begeleidt bezoekers door het gebouw en maakt de routing voelbaar. Houten wandafwerkingen brengen warmte en menselijke maat in de ruimtes. Gordijnen verzachten de grenzen tussen de verschillende gebruikszones en dragen bij aan een gelaagde en ingetogen ruimtebeleving.
De opbaarruimte kreeg een dubbelhoge opzet met een schuin oplopend plafond en een daklicht boven de plaats van de overledene. Hierdoor valt het daglicht gericht de ruimte binnen. De architectuur richt de blik door de ruimte en omhoog. Daarmee geeft de ruimte plaats aan verlies en hoop. Ook in akoestiek, verlichting, materialisering en detaillering is gezocht naar rust en zachtheid. Iedere keuze draagt bij aan een omgeving waarin bezoekers op een waardige manier afscheid kunnen nemen.


Onderdeel van het park
Ook het terrein werd opnieuw bekeken. Het uitvaartcentrum ligt in een parkachtige omgeving en was jarenlang omringd door hoge heggen en hekwerken. Hierdoor ontstond een scheiding tussen gebouw en de omgeving. In het nieuwe ontwerp zijn die barrières grotendeels verdwenen. Het terrein opent zich meer naar de omgeving, waardoor gebouw en park sterker met elkaar verbonden worden. Het uitvaartcentrum krijgt daarmee een vanzelfsprekendere plaats in het dorp: zichtbaar, benaderbaar en onderdeel van het dagelijks leven. Tegelijkertijd is gekeken waar privacy nodig blijft. Rondom de rouwauto en de logistieke zone is bewust gekozen voor afscherming, zodat het binnenbrengen en begeleiden van de overledene op een waardige en besloten manier kan plaatsvinden.


Stedenbouw vanuit bestaande situatie
Ook bij de entree vond een belangrijke ingreep plaats. De bestaande luifel bood al jarenlang beschutting bij drukbezochte condoleances, waar bezoekers soms buiten wachtten voordat zij naar binnen gingen. Door een deel van deze overdekte buitenruimte met glas af te sluiten, kon de ontvangsthal naar voren worden vergroot.
Daarbij was het belangrijk dat de luifel niet zou veranderen in een zware aanbouw. Het glas is daarom zo geplaatst en gedetailleerd dat de bestaande kolommen en het overstek zichtbaar blijven. De glaswand is achter de bestaande kolommen geplaatst, waardoor de luifel en de kolommen het beeld blijven bepalen. Op de hoeken is het glas zonder zware kozijnstijlen doorgezet, zodat de nieuwe gevel zo licht mogelijk blijft. Van binnenuit zijn de kozijnen zoveel mogelijk uit het zicht gehouden, zodat bezoekers vrij zicht op het park en de omgeving houden. Zo ontstaat extra ontvangstruimte, terwijl het open karakter van de bestaande luifel behouden blijft.
In samenwerking met: BouwVast Bouw en Ontwikkeling, Hoekstra Installatie en Sutherland Design.



Neem vrijblijvend contact op